Hamas 'vernietigen' is een illusie

Israëlische leiders beloven al geruime tijd Hamas te ‘vernietigen’. Enkele dagen geleden herhaalde de Israëlische minister van Defensie, Israel Katz, nog dat Israël Hamas-leden zal blijven opsporen. Ook Belgische politici hebben tijdens de voortdurende genocide in Gaza herhaaldelijk gesteld dat Israël niet mag stoppen voor Hamas ‘vernietigd’ is. Maar wat betekent dat eigenlijk, ‘Hamas vernietigen’? En is het überhaupt realistisch?

Voor het antwoord moeten we terug naar 1987, het jaar waarin Hamas ontstond tijdens de Eerste Intifada. Israëlische leiders stonden voor een paradox. Enerzijds vormden Hamas en later zijn militaire tak, de Al-Qassam Brigades, een dodelijke dreiging voor Israëlische soldaten en kolonisten in de bezette Palestijnse gebieden. Anderzijds zagen ze de beweging als een handig politiek wapen: een strategisch contragewicht om de rivaal, de PLO, te verzwakken.

Die voorgeschiedenis verklaart het latere Israëlische beleid, vooral ook onder premier Benjamin Netanyahu. Zijn strategie was er een van containment: Hamas moest worden ingedamd, maar doordat het de Gazastrook ‘controleerde’ en aanwezig was op de bezette Westelijke Jordaanoever, bleef de Palestijnse vertegenwoordiging verdeeld. Daardoor konden Israëlische leiders de roep om een eigen Palestijnse staat telkens pareren met één simpel antwoord: er is geen eenduidig leiderschap om mee te onderhandelen.

Na de verkiezingsoverwinning van Hamas in 2006, de daaropvolgende internationale isolatie van de beweging en de gewelddadige machtsstrijd die uiteindelijk leidde tot de feitelijke splitsing tussen Gaza en de Westelijke Jordaanoever, ontstond een nieuw status quo. Hamas bestuurde de Gazastrook, dat onder een Israëlische blokkade kwam te staan, terwijl de Palestijnse Autoriteit delen van de bezette Westoever bleef besturen.

In Gaza probeerde Israël Hamas onder controle te houden. De geldstromen uit Qatar, die met Israëlische toestemming Hamas in Gaza bereikten, pasten in dat beleid, dat erop gericht was de bestaande situatie te beheren eerder dan het onderliggende conflict op te lossen.

Ondertussen bereidden commandanten van de Al-Qassam Brigades zich voor op een toekomstige militaire confrontatie, met onder meer de uitbouw van een gigantisch tunnelnetwerk. Hamas-strategen hadden geleerd uit eerdere infiltratieoperaties vanuit Gaza. De aanval waarbij de Israëlische soldaat Gilad Shalit werd gevangengenomen in 2006 had aangetoond dat zulke operaties een enorm succes kunnen hebben. Na vijf jaar werd Shalit uiteindelijk geruild voor meer dan 1.000 Palestijnse gevangenen, onder wie Yahya Sinwar, die later Hamas-leider werd. Ook tijdens de oorlog van 2014 speelde het tunnelnetwerk een belangrijke rol. In de jaren daarna bleef Hamas verder investeren in tunnels en militaire voorbereiding.

De aanval van 7 oktober 2023 was het resultaat van die langdurige voorbereiding, gecombineerd met een politieke context waarin de Palestijnse kwestie almaar verder naar de achtergrond verdween. De normalisering van de relaties tussen Israël en meerdere Arabische landen, onder meer via de Abraham-akkoorden, werd door de Palestijnen ervaren als verraad en een verdere marginalisering van de Palestijnse kwestie.

Sinds 7 oktober 2023 heeft Israël een groot aantal Hamas-leiders en militaire commandanten vermoord. Maar dat betekent niet het einde van de beweging, leert de geschiedenis. Israël doodt al sinds de jaren 90 gericht Hamas-leiders, maar dat heeft Hamas niet doen verdwijnen. Integendeel: telkens opnieuw stond een nieuwe generatie leiders en militanten op.

Dat heeft te maken met het fundamentele karakter van de beweging. Hamas is niet uitsluitend een militaire organisatie. Het is een islamitische beweging met politieke, militaire en sociale structuren. Sinds zijn ontstaan heeft Hamas ook sociale dienstverlening uitgebouwd en heeft het steun verworven onder delen van de Palestijnse bevolking die zich verwaarloosd voelen door de Palestijnse Autoriteit. Hamas is bovendien geen organisatie die van buitenaf is opgedrongen. De beweging ontstond in de Palestijnse context, tijdens de Eerste Intifada, in reactie op de verstikkende Israëlische militaire bezetting, politieke frustratie en het gebrek aan een perspectief op zelfbeschikking.

Zolang de bezetting en de daarmee gepaard gaande omstandigheden een voedingsbodem blijven vormen voor gewapend verzet kan een militaire campagne gewapende Palestijnse groepen onmogelijk doen verdwijnen. Leiders kunnen worden gedood. Tunnels kunnen worden vernietigd. Wapens kunnen worden ingeleverd. Maar een politieke beweging brengt telkens weer nieuwe leiders, nieuwe structuren en nieuwe aanhang voort.

Daarom is de belofte om Hamas te ‘vernietigen’ een illusie. Een levensvatbare Palestijnse staat en een einde aan de militaire bezetting van de Gazastrook en de Westelijke Jordaanoever zijn effectievere middelen tegen de aantrekkingskracht van gewapende groepen dan de valse belofte dat je die zal ‘vernietigen’.

Je kan Hamas militair verzwakken, maar zolang de bezetting voortduurt, zal het gewapend verzet niet verdwijnen. Tot zolang dient de belofte om Hamas te ‘vernietigen’ vooral als rechtvaardiging voor de aanhoudende Israëlische militaire bezetting, de uitbreiding van illegale nederzettingen, voortdurende etnische zuiveringen en genocide.

Ook te raadplegen via de website van De Tijd.

Reageer